Viersen, A. et.al (2000), Nogmaals kasteel Terworm en zijn bewoners, in: Land van Herle, 2/2000; 37-44; 41;*
https://www.molendatabase.nl/molens/ten-bruggencate-nr-01130 **
* ‘Karel van Böselager liet in het gebied tussen 1842 en 1844 artesische bronnen boren voor de stuw van de Eyckholtermolen, de bevloeiing van de droge gronden in zijn gebied en de vulling van de grachten van kasteel en de fraaie rococo-tuin.’
** ‘De Geleenbeek werd in die tijd (1891 red.) boven de molen opgestuwd door drie sluizen. De middelste sluis voerde het water naar de vergaarvijver, de rechter sluis werd gebruikt om water te trekken voor de bevloeiing van de weilanden bij de molen en de linker sluis bediende een afslagtak, die langs de vijver liep en zich beneden de molen met het maalwater verenigde.’