GE038 Ede / De Kraats – Hoekelumse beek 1752

* ‘De natuurlijke beek komt van het hoge oosten en stroomt door het diepste deel van het dal tussen twee dekzandruggen. Als boeren dit water wilden gebruiken voor bevloeiing, moeten ze de beek vanaf een eind bovenstrooms van de rug opleiden om voldoende hoogte te maken. Daarna leiden ze de beek langs de helling van de rug. Van hieruit kunnen ze de lager gelegen velden bevloeien. Het water verzamelt zich in de laak die ligt in het laagste punt van het dal.

Bij de beschrijving van deze locatie is ook een detail van een kaart van Willem Leenen uit 1752 opgenomen. Leenen is de enige kartograaf die duidelijk sloten en irrigatievelden intekent.